Anaesthesie

A- A A+

Animal Care Vet - Zwijndrecht - AnaesthesieEr zijn mensen die hun hond verloren hebben tijdens een narcose; ofschoon het toch om een simpele ingreep ging bij een overigens kerngezonde hond.
Die mensen realiseren zich maar al te goed dat u niet te licht over een narcose moet denken.

Alleen maar zeggen “het stelt niks voor, het is routine en het gaat eigenlijk altijd goed” stelt niet echt gerust. Iets meer weten over de narcose stelt u in staat de afwegingen bij de keuze wel of niet opereren beter te kunnen begrijpen en met een beter gevoel achter de uiteindelijke beslissing te kunnen gaan staan.

Zorgvuldig afwegen: wel of niet?

Een operatie is dubbel spannend. Wordt wel het gewenste effect bereikt en overleeft de patiënt de narcose? Alvorens we gaan opereren, moeten we ons eerst goed afvragen of er geen andere, betere behandelingsmogelijkheden zijn.

Als we besloten hebben de ingreep uit te voeren, moeten we ons vervolgens afvragen of er geen andere mogelijkheden zijn dan een algehele narcose om de ingreep uit te voeren. Wegen de risico's van de narcose wel op tegen het nut van de ingreep?

Enkele willekeurige voorbeelden ter illustratie:

Animal Care Vet - Zwijndrecht - Anaesthesie

Röntgenfoto's

Het is absolute onzin om iedere patiënt voor een röntgenfoto onder narcose te brengen. Soms is het geven van een narcose echter wel noodzakelijk, om een kwalitief goede röntgenfoto te verkrijgen voor een nauwkeurige diagnose.
Neem als voorbeeld een foto ter beoordeling van de heupen.
Een officiële HD opname (zie elders) onder narcose maken bij een zeer gewillige hond is ongetwijfeld beter voor de kwaliteit van de röntgenfoto.

Maar zal het verschil met een röntgenfoto zonder narcose van veel invloed zijn om het welzijn van de hond zelf of zijn ras in de toekomst? Daarover mogen we best enige twijfel hebben.

Iedere eigenaar zal echter bereid zijn het risico van een narcose te accepteren, als een nauwkeurig röntgenonderzoek van het nekgebied nodig is, om een hond doelgericht te kunnen behandelen voor een levensbedreigende verlamming.

Animal Care Vet - Zwijndrecht - Anaesthesie

Tandsteen verwijderen

Het verwijderen van tandsteen hoeft in een aantal gevallen niet onder volledige narcose.
Met een beetje tact en geduld laten honden dat toe, zonder volledige narcose.
We moeten ons realiseren dat tandsteen in veel gevallen snel terugkomt en dat zou betekenen dat we ieder (half) jaar een hond onder narcose moeten brengen voor een schoon gebit. Overleg met uw dierenarts welke andere maatregelen er genomen kunnen worden ter preventie van tandsteen.

Maar als de hond vreselijk uit zijn mond stinkt, rotte elementen heeft zodat de infectie vanuit de mond een bedreiging vormt voor de rest van het lichaam (wordt dikwijls onderkend !!), dan is het zelfs bij een oude hond met een hartruisje noodzakelijk om hem onder narcose te brengen.
Het slechte gebit is meer een bedreiging voor de hond dan de narcose. Extractie van gebitselementen kan natuurlijk niet bij normale bewustzijn, en we kunnen de risico's inperken door vooraf al te starten met antibiotica, het geven van infusen om de nieren te ontlaste.

Animal Care Vet - Zwijndrecht - Anaesthesie

Bultje verwijderen

Een klein bultje kan makkelijk onder locale verdoving weggenomen worden; desnoods met combinatie van een kalmerend prikje.
Als het echter om een klein, maar kwaadaardig gezwel gaat, moeten we echter kiezen voor een algehele narcose.

We moeten het bultje immers ruim wegnemen om er meer zeker van te zijn, dat er geen uitzaaiingen plaats zullen vinden.
Bij katten zal echter vaker een rustgevende injectie nodig zijn voor het wegnemen van een gewoon gezwel dan bij honden.

Intradermale allergietest uitvoeren

Animal Care Vet - Zwijndrecht - AnaesthesieNiet alle honden zijn gediend om 15 en meer prikken in hun huid te krijgen. In principe zou een beetje verdoving af en toe welkom zijn.
Zo'n verdoving zou zeker opwegen tegen het eventuele resultaat/ eindelijk een goede behandeling voor een ellendige jeuk.

Maar dergelijke allergietest mag eigenlijk helemaal niet onder narcose worden uitgevoerd, omdat een aantal narcosemiddelen, de reacties onderdrukt.
Dan toch maar even op de kiezen bijten en een extra hulp op trommelen.

Katten

Katten zijn stressgevoeliger dan honden. Het is in veel gevallen ook veel moeilijker om een kat op zijn/haar gemak te stellen bij bepaalde ingrepen of onderzoeken dan dat bij een hond het geval is.
Bovendien laten katten zich niet commanderen. Soms is het dan ook praktischer en prettiger voor dierenarts én kat om een ingreep te doen na een kalmerende injectie (= sedatie).

Ook bij honden kunnen sommige onderzoeken beter plaatsvinden onder sedatie.
Een keelinspectie bijvoorbeeld, waarbij de diepere structuren van de keel goed bekeken moeten worden kan eigenlijk alleen maar goed en nauwkeurig gebeuren bij een gesedeerde hond.

Voorzorgen

Voor veel ingrepen is het noodzakelijk dat de patiënt een aantal reacties níet heeft die hij onder normale omstandigheden wél zou hebben. Daarom willen we met een verdoving de toestand bereiken waarin bewegingsloosheid, uitgeschakeld pijngevoel en geheugen en een relaxatietoestand centraal staan. Anderzijds mogen door de narcosemiddelen de andere lichaamsfuncties niet worden onderdrukt, zoals de ademhaling, de hartslag, doorbloeding van organen en temperatuurregulatie. Er mag dus geen schade aan de organen worden toegebracht en daarbovenop willen we ook dat de patiënt na de operatie zo snel mogelijk weer wakker is.

Voor een operatie proberen we een dier in een zo goed mogelijke conditie te brengen.

Infectie

Een hond of een kat met een smerig gebit en dus een ophoping van bacteriën in zijn lichaam heeft een potentieel gevaar voor complicaties bij een geplande operatie. Bij ernstig geïnfecteerde gebitten, kan het zelfs zinvol zijn, om de initiële operatie uit te stellen en eerst het gebit te behandelen. Dat maakt dan wel twee narcoses. Een smerig gebit reinigen in 1 narcose met bijvoorbeeld een knieoperatie of buikoperatie is vragen om moeilijkheden, hoe praktisch het ook mag klinken om het wel te doen. In minder ernstige gevallen, waarbij een infectie een hoofdrol speelt, kunnen we overwegen om bij de hond vanaf 1 week voor de operatie al een antibioticumkuur op te starten. De kuur kan dan nog 1-2 weken na de operatie verder gezet worden.

Nuchter en schoon

Het is altijd verstandig om uw hond of kat schoon en nuchter aan te bieden voor een operatie. Bovendien moet de hond goed uitgelaten zijn (zie operatiepatiënt).

Narcose op maat

Het is van belang te letten op de vroegere ziekten die een hond of kat heeft (gehad).
We hebben immers verschillende narcosemiddelen ter beschikking, die allen hun eigen voor- en nadelen hebben. Zo moeten we per patiënt bekijken wat wel of niet geschikt is. Sommige narcosemiddelen hebben een sterkere invloed op de hartfunctie en de bloeddruk. Bij die patiënten moeten we dan ook uiterst waakzaam zijn voor wat betreft het hart en die patiënten worden dan ook zeker aangesloten op hart- en ademhalingsbewaking tijdens de narcose. Overigens worden de meeste van onze operatiepatiënten op die manier bewaakt en dus niet alleen de risicopatiënten. Lever- en nierpatiënten hebben problemen met de verwerking en uitscheiding van de narcosemiddelen. De keuze van het juiste narcose middel en het plaatsen van een infuus is dan zeer belangrijk. Het bekende middel ACP, populair als “oud naar nieuw” tablet, moet dan weer als injectie ter kalmering voor een narcose, niet aan een epilepsie patiënt worden gegeven. Anderzijds wordt de thans populaire Domitor – Antisedan combinatie (korte narcose, en tegengif met snel herstel) best niet aan jonge honden of aan honden met een zwak hart gegeven worden. Windhonden moeten in de regel dan weer een andere inleidende narcose hebben dan alle andere honden. Een hond met een maagtorsie moet een zeer kortwerkende inleiding hebben en mag niet op lachgas worden aangesloten. Voor een keizersnede gebruiken we een lichte narcose eventueel samen met een plaatselijke verdoving. Die narcose heeft natuurlijk ook wat invloed op de puppies. Maar hiervoor gebruiken we een medicijn, dat onder de tong wordt gedruppeld en zo de narcose bij de puppies ongedaan maakt. Katten reageren weer anders op sommige narcosemiddelen dan honden. Voor een kat wordt dus een ander narcoseprotocol gevolgd dan voor een hond.

Pre-anaesthetisch onderzoek

Ik wil op deze plaats toch een doorbraak forceren ivm het vooronderzoek dat de patiënt (kan) ondergaan voordat die onder narcose gaat en ik bedoel hier meer bepaald het bloedonderzoek. De patiënt wordt uiteraard klinisch onderzocht en bij sterke twijfel wordt er een bloedonderzoek uitgevoerd. Maar om redenen van de kost en tijd wordt bij ‘gezonde' honden dit bloedonderzoek achterwege gelaten. Nochtans zijn er veel afwijkingen die aan de buitenkant (nog) niet zichtbaar zijn en in feite is het beter als we deze op voorhand zouden opsporen om er gepast op in te kunnen spelen. Bij honden met een baarmoederontsteking bv is het dus verstandig om eerst de nieren te controleren voor de narcose om zo de noodzaak en het type baxter die wordt toegediend beter te kunnen inschatten. Die kleine extra kost, die extra voorzorg zou gewoon standaard moeten!

Sedatie of volledige narcose?

Dit betreft een lichte narcose die wordt gebruikt voor niet al te pijnlijke en voor kortdurende onderzoeken of ingrepen die teveel stress met zich meebrengen om bij een volledig wakker dier te doen. Dikwijls wordt hiervoor het middel ‘Domitor' gebruikt. Een volledige narcose wordt dan toegepast bij langer durende ingrepen of bij ingrepen die te pijnlijk zijn zodat een sedatie niet volstaat.

Domitor / Antisedan

Ongeveer 10 minuten na een injectie Domitor zakt de patiënt weg. De diepte van narcose is afhankelijk van de toegediende dosis. Domitor heeft echter een invloed op de hartfunctie en zo ook op de bloeddruk. Daarom gebruiken we het niet bij oude en verzwakte dieren. Met een ‘tegenspuit' van Antisedan wordt de Domitor sedatie op enkele ogenblikken ongedaan gemaakt en kan het dier mee wandelend de deur uit. Domitor kan ook in combinatie met andere producten gebruikt worden voor de inleiding van een algehele narcose.

Volledige narcose

Wij gebruiken voor een volledige verdoving het systeem van gasnarcose (inhalatieanesthesie). Het voordeel is bij dit systeem dat dit nauwkeurig individueel aan te passen is en dat de lengte van de narcose “onbeperkt” is. Bij een ingespoten narcose wordt er gedoseerd op lichaamsgewicht in combinatie met de conditie en de leeftijd van het dier. De werkingsduur van dergelijke injectie is beperkt en anderzijds kunnen we ook het geïnjecteerde er niet meer uit halen. Bij de gasnarcose kunnen we de diepte van de narcose nauwkeurig instellen op de behoefte van de patiënt die bepaald wordt aan de hand van bepaalde reacties. Het nadeel echter is dat deze verdoving duurder is, maar wat telt er?

Voorprik

De volledige narcose bestaat uit een aantal stappen. De patiënt krijgt eerst een premedicatie bestaande uit een sedatie middel en een pijnstiller. Zo wordt de patiënt rustig wat er dan weer voor zorgt dat er minder narcoseproduct nodig is. Dieren onder stress hebben aanzienlijk meer narcose nodig.

Inleiding

De toediening van dit middel gebeurt via het bloedvat zodat de patiënt onmiddellijk reageert op de injectie en we dus vlot kunnen zien of er genoeg is toegediend. Deze inleiding maakt het mogelijk om zonder stress een tube in de luchtpijp van de hond te schuiven.

Gasnarcose

Via deze tube wordt het narcosegas en de zuurstof toegediend. Het gas ontstaat na verdamping van een vloeibaar narcosemiddel in een speciale verdamper. Het wordt gemengd met zuivere zuurstof en de toegediende hoeveelheid is makkelijk regelbaar. Het zorgt ervoor dat de patiënt dieper wegzakt en door het toedienen van meer of minder gas kan de diepte van de verdoving nauwkeurig geregeld worden. De tube wordt met een ballonnetje vastgezet in de luchtpijp zodat al de in en uitgeademde lucht via de tube moet passeren. Anderzijds kan er ook geen speeksel of voedsel in de luchtpijp geraken. Door de tube kan de patiënt na de ingreep een hoestreactie vertonen die maar 1 à 3 dagen mag duren. Door de stofwisseling in het lichaam vindt de vorming van CO2 (koolstofdioxide) plaats. Dit afvalproduct verlaat het lichaam via de longen. De uitgeademde lucht bevat dus veel CO2. Het anesthesieapparaat heeft twee kleppen waardoor de uitgeademde lucht via een andere slang wordt afgevoerd. Deze lucht wordt dan gefilterd en zo komt de gezuiverde lucht in een rubberen ballon terecht die als reservoir dient. Hier wordt nieuwe zuurstof en een hoeveelheid narcosemiddel aan toegevoegd. Vervolgens kan het mengsel weer ingeademd worden. In onze praktijk wordt een gesloten inhalatie systeem gebruikt met het zeer veilige humane isofluraan.

Beademing

Met een gesloten systeem is het mogelijk om een dier indien nodig te beademen. Door op de ballon te drukken komt het gasmengsel in de longen van de patiënt (inademen). Als de druk op de ballon verminderd wordt het gasmengsel uitgeademd. Op deze manier kan het ademen van een patiënt volledig worden overgenomen door het anesthesieapparaat.

En de eigenaar?

De eigenaar vraagt wel eens om bij het ganse proces aanwezig te zijn. Weet wel dat de narcose de volledige aandacht van de dierenarts vergt en dat een hypernerveuze eigenaar of iemand die teveel praat, vragen stelt, flauw valt of iemand die zich met de werkzaamheden inlaat, het risico verhoogt. Gun de arts geconcentreerde rust in het belang van het dier.

Pijn

Tijdens de narcose wordt de patiënt aangesloten op bewakingsapparatuur waarmee de hartfunctie en de ademhaling in de gaten wordt gehouden. Hiermee kan ook worden gecheckt of het dier pijn heeft, zodat gepast aan pijnstilling kan worden gedaan.

Recovery (ontwaken)

Narcosemiddelen worden door het lichaam afgebroken en/of uitgescheiden. Wanneer de operatie ten einde is moet een dier wakker worden. Dit gebeurt alleen als het narcosemiddel verdwenen is uit het lichaam. Het narcosemiddel kan het lichaam op verschillende manieren weer verlaten. Dit kan door afbraak in organen zoals de lever of door uitscheiding door de nier of via uitademing langs de longen. We kunnen in sommige gevallen ook antagoneren (een anti-middel toedienen). Tijdens het bijkomen kan de patiënt ondanks de rustgevende voorprik in de war zijn: onrust, piepen, huilen, fietsen … dergelijk dier dat in de war is kan bijten, ook al is het anders de liefste van de wereld. Het janken heeft deels met pijn te maken en deels met de narcose.

De fatale narcose

Laat ons hopen dat het nooit gebeurt! Het is rampzalig voor de eigenaar maar ook voor de dierenarts. De verslagenheid is groot en het slaat diep in bij de mensen die de narcose hebben uitgevoerd. Maar als het noodlot toch toeslaat willen we enkele adviezen geven:

  • Zoek geen zondebok en maak directe verwijten in wanhoop. In de praktijk worden de verschillende stappen intern overlopen om de gevolgde procedure nauwkeurig door te lichten om zo een eventuele fout te ontdekken zodat deze fout NOOIT meer zal gemaakt worden.
  • Anderzijds wordt er voorgesteld om ALTIJD een onderzoek te laten verrichten naar de doodsoorzaak ook al ligt dat emotioneel dikwijls erg moeilijk. Nog moeilijker is om deze trieste gebeurtenissen te moeten verwerken als een deel onopgehelderd is.
  • Vraagtekens kunnen soms na langere tijd opkomen en we stellen voor om erover te praten, uit te praten en niet met vragen te blijven rondlopen. Het moet duidelijk zijn dat we bij het geven van een narcose heel veel zaken zelf in de hand hebben en we dus veel mogelijkheden hebben om rampen te voorkomen. Tijdens een narcose zijn we geconcentreerd en intensief bezig om zo de risico's beperkt te houden!
Animal Care Vet, Zwijndrechtsestraat 216, 2070 Burcht (België), ligging, Tel.: 03 252 71 69, info@animalcarevet.be, BTW BE0440 894 494, Stratenplan